1.01.00 Gemeenschappelijk landbouwbeleid

Tekstnavigatie

Inhoud

Talen

Doelgroepen

Zoeken

Algemeen

Domeinen

Vaste functies

Waar ben ik?

Inhoud

Inhoudsopgave

Handboek Douane

1.01.00 Gemeenschappelijk Landbouwbeleid, 7 februari 2011, Versie 9

5. Organen die bij invoer belast zijn met uitvoering van Gemeenschappelijk Landbouwbeleid

5.1. Algemeen

Voor de uitvoering van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid zijn binnen de Gemeenschap verschillende diensten verantwoordelijk, zowel op communautair als nationaal niveau. Enerzijds zijn hier speciale organen voor opgericht, anderzijds zijn al bestaande organen binnen de lidstaten hiervoor ingezet.

5.2. Op communautair niveau

Voor de douanebestemming in het vrije verkeer brengen bestaan er in communautair verband geen organen die een specifieke taak hebben in het kader van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid. Bij het in het vrije verkeer brengen van landbouwproducten in de Gemeenschap wordt communautair volledig gesteund op de nationale organisaties.

5.3. Op nationaal niveau

Op nationaal niveau is voor de uitvoering van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid bij het in het vrije verkeer brengen van landbouwgoederen aansluiting gezocht bij de al in Nederland bestaande organen. Er bestond geen noodzaak om voor deze taken nieuwe diensten in het leven te roepen.

Door de tarificatie van de landbouwheffingen in het kader van de Uruguay-ronde, is de Douane nu primair verantwoordelijk voor de juiste heffing van de douanerechten. Tarificatie is het omzetten van de variabele landbouwheffingen in vaste rechten van het Gemeenschappelijk Douanetarief.

Voor de juiste toepassing van alle andere maatregelen die voortvloeien uit het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid is, in Nederland, het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie verantwoordelijk. Het Ministerie heeft echter veel uitvoerende taken gedelegeerd aan een aantal productschappen en de uitvoeringsorganisatie "Dienst Regelingen". Deze delegatie van taken wordt medebewind genoemd.

De volgende vier productschappen binnen Nederland zijn - in het kader van het medebewind - voor de in- en uitvoer van landbouwgoederen bevoegd:

- het Hoofdproductschap Akkerbouw (HPA);

- de Productschappen Vee, Vlees en Eieren (PVE);

- het Productschap Zuivel (PZ);

- het Productschap Tuinbouw (PT).

De adressen en telefoonnummers van deze productschappen zijn vermeld in bijlage 1. Zie hoofdstuk 7 voor aanwijzingen over de procedures die moeten worden gevolgd bij de uitwisseling van informatie met de productschappen.

In deze paragraaf vindt u nog de volgende onderwerpen:

- taak Douane bij aangiften ten invoer (paragraaf 5.3.1);

- taak productschappen bij aangiften ten invoer (paragraaf 5.3.2).

5.3.1. Taak Douane bij aangiften ten invoer

Bij de aanvaarding, de verificatie en de administratieve verwerking van de aangiften tot het brengen in het vrije verkeer van landbouwgoederen zijn de bepalingen van de communautaire en nationale douanewetgeving volledig van toepassing. De normale douaneprocedures bij de verificatie van de aangifte, de grondige opneming en/of monsterneming van de goederen, de door de belanghebbende te verlenen medewerking enzovoorts, gelden voor landbouwgoederen dan ook onverkort.

(artikel 1 CDW juncto artikel 1:1 Algemene douanewet)

De Douane verifieert niet alleen de aangiften tot het brengen in het vrije verkeer, maar ook de bescheiden die volgens de communautaire landbouwwetgeving en de Algemene douaneregeling bij de aangifte tot het brengen in het vrije verkeer moeten worden overgelegd. Voorbeeld van deze bescheiden is het invoercertificaat AGRIM.

Zie voor een verdere uitwerking van de verschillende taken en bevoegdheden van de Douane bij de invoer van landbouwgoederen onderdeel 13.01.00 van dit Handboek, en zie voor de procedures rondom de invoercertificaten onderdeel 13.02.00 van dit Handboek.

5.3.2. Taak productschappen bij aangiften ten invoer

Als er bij invoer een invoercertificaat verplicht is gesteld, dan is het productschap dat bevoegd is voor de betreffende sector ook bevoegd tot de afgifte van dit invoercertificaat.

(artikel 3:2, lid 2 Algemene douaneregeling)

Zie voor een verdere uitwerking van de verschillende taken en bevoegdheden van de productschappen bij de invoer van landbouwgoederen onderdeel 13.01.00 van dit Handboek en zie voor de procedures rondom de invoercertificaten onderdeel 13.02.00 van dit Handboek.

Terug naar tekstnavigatie

Algemeen

Terug naar tekstnavigatie

Domeinen

Website Belastingdienst
Website Douane
Website Toeslagen
Terug naar tekstnavigatie

Vaste functies

Terug naar tekstnavigatie