14.30.00 Controle-exemplaar T5
14.30.00 Controle-exemplaar T5, 30 mei 2011, Versie 12
In dit hoofdstuk wordt besproken hoe het controle-exemplaar T5 wordt gebruikt bij de uitvoer van landbouwgoederen.
Om bij de uitvoer van landbouwgoederen voor restitutie in aanmerking te komen, moeten de goederen het grondgebied van de Gemeenschap hebben verlaten, een bijzondere bestemming hebben bereikt, of zijn opgeslagen in een bevoorradingsdepot. Er moet dus bewezen worden dat de goederen:
a. binnen een termijn van zestig dagen na de dag van aangifte ten uitvoer het douanegebied van de Gemeenschap hebben verlaten, of een bijzondere bestemming hebben bereikt;
(
b. binnen dertig dagen na de aangifte ten uitvoer zijn opgeslagen in een bevoorradingsdepot.
(
Dit bewijs wordt geleverd door het controle-exemplaar T5 af te tekenen voor uitgang uit de Gemeenschap of opslag in een bevoorradingsdepot.
(
Het controle-exemplaar T5 wordt bij de uitvoer van landbouwgoederen ook gebruikt om de zekerheid vrij te geven die gesteld is voor de afgifte van het uitvoercertificaat. De instantie van afgifte van het certificaat geeft dan de zekerheid terug aan de titularis van het certificaat na ontvangst van het afgetekende controle-exemplaar T5.
(
Op verzoek van degene die de zending en het controle-exemplaar T5 bij het kantoor van bestemming aanbiedt, wordt kosteloos het ontvangstbewijs T.C. 11 afgegeven. Een model van dit ontvangstbewijs is opgenomen in
(
Bij de controle-exemplaren T5 die worden gebruikt bij de uitvoer van landbouwgoederen en die dienen voor de toekenning van de restitutie is de rol van de douanepost Zuivering zeer beperkt. Alleen in het volgende geval is de douanepost Zuivering betrokken bij de behandeling van deze controle-exemplaren T5:
- de verzending naar de betreffende productschappen van controle-exemplaren T5 die in Nederland zijn afgegeven en die betrekking hebben op goederen die via een andere lidstaat zijn uitgegaan of daar hun bestemming hebben bereikt.
Op het centrale verzendadres wordt gezorgd voor:
- de terugzending van controle-exemplaren T5 die in andere lidstaten zijn afgegeven en die betrekking hebben op goederen die zijn uitgegaan via een kantoor van uitgang in Nederland of die op een kantoor van bestemming hun bestemming hebben gekregen.
Meer informatie over de uitvoer van landbouwgoederen kan worden gevonden in de onderdelen "Restituties" en "Aangiften ten uitvoer landbouwgoederen" respectievelijk opgenomen in dit Handboek, nummer 20.01.00
In deze paragraaf vindt u de volgende procedures en ambtelijke werkzaamheden:
- de procedures die worden verricht op het kantoor van uitvoer (paragraaf 3.2.1);
- de procedures die moeten worden verricht op het kantoor van bestemming of het kantoor van uitgang (paragraaf 3.2.2).
Krijgt u een controle-exemplaar T5 aangeboden op het kantoor van uitvoer, dan gaat u als volgt te werk: 1. Controleer of de aangever het controle-exemplaar T5, het formulier T5bis en/of de ladingslijst T5 in tweevoud heeft opgemaakt. 2. Controleer of de goederen die ten uitvoer zijn aangegeven, overeenkomen met de omschrijving die op het controle-exemplaar T5, het formulier T5bis en/of de ladingslijst T5 staat vermeld. 3. Controleer of het controle-exemplaar T5, het formulier T5bis of de ladingslijst T5 is ingevuld volgens het gestelde in paragraaf 2.1.2 tot en met 2.1.6. Let op 3a. Vak 104: 3b. Vak 106: 3c. Vak 107: 4. Plaats in vak 109 een verwijzing naar de aangifte ten uitvoer EX A en in voorkomend geval de aangifte voor douanevervoer. 5. Controleer of het juiste terugzendadres in vak B is vermeld: Als aan het bovenstaande is voldaan, gaat u als volgt verder te werk: 6. Plaats de volgende gegevens in vak A: - het registratienummer waaronder u het controle-exemplaar T5 heeft geboekt (zie onderdeel 2.2.1); - een afdruk van de metalen dienststempel; - uw handtekening (de handtekening op de kopie mag door doordruk worden verkregen); - een afdruk van uw naamstempel of uw naam in blokletters. 7. Plaats de volgende gegevens in vak D: - de uitslag van de ingestelde controle. Als u geen verschillen tussen het controle-exemplaar en de goederen heeft geconstateerd, gebruikt u steeds het woord "conform". Heeft u wel verschillen geconstateerd, dan vermeldt u "niet-conform" met daarbij de juiste gegevens. Verwacht u dat de correctie vragen oproept in andere lidstaten, dan vraagt u om een nieuw controle-exemplaar T5 met de juiste gegevens. Heeft u een visuele controle ingesteld dan vermeldt u de controlecode A1300. Heeft u een fysieke controle ingesteld op grond van - het aantal plomben (in cijfers) en de merken van de plomben als u daarmee een verzegeling heeft aangebracht. Plaats een liggend streepje op de plaats waar anders de verzegeling wordt vermeld als u geen verzegeling heeft aangebracht (artikel 912ter, lid 7 TVo. CDW bepaalt dat - uw handtekening, uw naamstempel en een afdruk van de metalen dienststempel. 8. Geef het origineel van het controle-exemplaar aan de aangever. 9. Houd de kopie van het controle-exemplaar T5 achter in het aangiftedossier op het aangiftepunt. Deze aangiftedossiers worden lokaal gearchiveerd. ( |
In dit onderdeel zijn de volgende nadere bepalingen opgenomen:
- Controle-exemplaar T5 voor vrijgave certificatenzekerheid (paragraaf 3.3.1);
- Controle-exemplaar T5 voor vrijgave certificatenzekerheid en voor restitutie (paragraaf 3.3.2);
- Controle-exemplaar T5 bij buitenlandse certificaten (paragraaf 3.3.3);
- Specifieke situaties (paragraaf 3.3.4).
Als het controle-exemplaar T5 alleen wordt gebruikt voor de vrijgave van de certificatenzekerheid (en niet om ook restitutie te verkrijgen), brengt de aangever in vak 106 van het controle-exemplaar T5 de volgende vermelding aan:
"te gebruiken voor de vrijgave van de zekerheid".
Is het controle-exemplaar T5 in een andere lidstaat van de Gemeenschap afgegeven, dan staat deze tekst vanzelfsprekend vermeld in de officiële taal van die lidstaat.
(
Wanneer voor de goederen een controle-exemplaar T5 is voorgeschreven om restitutie te verkrijgen en om de certificatenzekerheid vrij te geven, dan wordt slechts een controle-exemplaar T5 geldig gemaakt. De bevoegde instantie, in Nederland het betreffende productschap, zal op basis van het terugontvangen controle-exemplaar T5 zowel de zekerheid op het certificaat vrijgeven als de restitutie verlenen.
Als de restitutieaanvraag in Nederland wordt gedaan en er is gebruik gemaakt van een certificaat dat in een andere lidstaat is afgegeven, dan moet de instantie van afgifte in die lidstaat ook bericht krijgen dat de goederen de Gemeenschap hebben verlaten of een bijzondere bestemming in de Gemeenschap hebben bereikt. Dit bericht heeft die instantie nodig om de zekerheid die is gesteld voor de afgifte van het certificaat, vrij te geven. Het productschap maakt een kopie van het controle-exemplaar T5 en stuurt dit naar de buitenlandse instantie van afgifte.
In de volgende tabel staan een aantal specifieke situaties met hun vindplaatsen.
| Situatie | Paragraaf | Handboek Douane |
| ............................ | ................. | ............................. |
Uitgaan over zee |
3.8.2 |
|
Uitgaan over de weg |
3.8.2 |
20.01.00 |
Uitgaan over binnenwateren |
3.8.2 |
20.01.00 |
Uitgaan per spoor |
3.8.2 |
20.01.00 |
Uitgaan door de lucht |
3.8.2 |
20.01.00 |
Interventiegoederen |
2.2.2 |
|
Voedselhulp |
4.3 |
In dit hoofdstuk zijn geen uitzonderingen opgenomen.
In dit hoofdstuk zijn geen strafbepalingen opgenomen.
