25.00.00 Douanevrijstelling terugkerende goederen
25.00.00 Terugkerende goederen, 11 april 2011, versie 9
Voor goederen die deel uitmaken van de persoonlijke bagage van reizigers, is bepaald dat bij wederinvoer het overleggen van een (kopie)exemplaar voor de exporteur van de aangifte ten uitvoer en het inlichtingenblad INF 3 achterwege kunnen blijven als aannemelijk is dat de goederen al eerder uit het vrije verkeer van de Gemeenschap zijn uitgevoerd.
(
De ambtenaren kunnen vorderen dat de herkomst uit het vrije verkeer uit de Gemeenschap met (handels)bescheiden wordt aangetoond.
(
Bijvoorbeeld kunnen de volgende (handels)bescheiden dienen voor het aantonen van de herkomst uit het vrije verkeer van de Gemeenschap:
- de factuur van de verkoper in de Gemeenschap;
- het garantiebewijs van de verkoper in de Gemeenschap;
- de kwitantie van bij invoer in de Gemeenschap betaalde rechten bij invoer en belastingen;
- de douaneverklaring.
De herkomst uit het vrije verkeer van de Gemeenschap kan bij wederinvoer ook worden aangetoond met een Douaneverklaring (DO 131). Ook kan met deze verklaring worden aangetoond dat de omzetbelasting is geheven in Nederland.
De douaneverklaring kan voordat de uitvoer uit Nederland plaatsvindt worden aangevraagd bij de inspecteur van het douanekantoor in Nederland in wiens gebied belanghebbende is gevestigd. Deze verklaring wordt slechts afgegeven als het met bijvoorbeeld de factuur en/of het garantiebewijs van de verkoper aannemelijk wordt gemaakt dat de goederen zich in het vrije verkeer van de Gemeenschap bevinden en dat daarover de omzetbelasting in Nederland is geheven en niet is terug gegeven.
Aan de afgifte van de verklaring zijn geen kosten verbonden. De verklaring heeft een onbeperkte geldigheidsduur. Het model van de Douaneverklaring is in bijlage 5 opgenomen.
(
