Ga direct naar de inhoud Ga direct naar de filters Ga direct naar de footer

Centralised Clearance: vragen en antwoorden

Met Centralised Clearance (CC) kunt u als ondernemer eenvoudiger douaneaangiftes doen. Bekijk hier de vragen en antwoorden over dit proces.

Wat is Centralised Clearance?

Centralised Clearance (CC) maakt het makkelijker om aangifte te doen. Het is bij CC mogelijk om douaneaangiften in te dienen bij een douanekantoor in het Europese Unie (EU)-land waar u gevestigd bent, terwijl de goederen in verschillende lidstaten van de EU zijn. Er zijn 2 versies van CC:

  • Centralised Clearance Import (CCI)
  • Centralised Clearance Export (CCE)

Met CC kan uw bedrijf centraal de aangifteprocessen doen bij het voor u verantwoordelijke douanekantoor: het Supervising Customs Office (SCO). Terwijl de goederen zijn aangebracht in een douanekantoor in een andere lidstaat: in het Presentation Customs Office (PCO).

Wat zijn de voordelen van CC voor mijn bedrijf?

Er zijn verschillende voordelen van het doen van uw douaneaangiften met CC:

  • Afhandeling van al uw aangiften door een douanekantoor in 1 EU-lidstaat
  • Snellere douaneafhandeling van geïmporteerde goederen
  • Vermindering van het aantal douaneprocedures, dus geen transitregeling
  • Vermindering van de administratieve werklast door 1 aanspreekpunt
  • Besparen van kosten via gecentraliseerde processen en zorg voor transparantie en compliance
  • Deelnemen aan een geglobaliseerde markt. Uw bedrijf kan met CC concurrerender zijn. Ook kunt u zakendoen met klanten en partners, ongeacht hun locatie
Komt mijn bedrijf in aanmerking voor CC?

Om in aanmerking te komen voor CC moet uw bedrijf voldoen aan bepaalde criteria:

  • U moet u een AEO-C vergunning (Authorised Economic Operator - Customs Simplifications) hebben.
  • Uw bedrijf moet een aanvraag voor de Vergunning Gecentraliseerde vrijmaking (CC) doen in de lidstaat waar uw bedrijf gevestigd is.
  • Uw aanvraag moet gaan over 1 van de volgende (douane)regelingen: a) tot en met h) artikel 149 GVO DWU. Hiervoor moet u een goedgekeurde administratie bijhouden, waarin al uw douaneaangiften te volgen zijn.
Kan ik blijven werken zonder de CC-methode?

Ja, CC is niet verplicht.

Wanneer is CC in Nederland beschikbaar?

Centralised Clearance Import (CCI) wordt voor de procedure inschrijving in de administratie van de aangever (IIAA) niet eerder verwacht dan eind 2026. Dat geldt ook voor de standaard aangifte, de normale procedure. CCE volgt zo spoedig mogelijk na de implementatie van CCI.

Op welke manier is CC gekoppeld met de Trust en Check trader?

Er is geen link met Trust and Check Trader. De EU Datahub is geen onderdeel van CC.

Wanneer wordt de Message Implementation Guide (MIG) voor CC gepubliceerd?

In het eerste halfjaar van 2026 wordt de MIG gepubliceerd. Bij de Nationale Helpdesk Douane vindt u meer informatie.

Hoe vraag ik een CC-vergunning aan?

 In Nederland vraagt u deze vergunning aan op de gebruikelijke manier via de EU-trader portal (CDMS). Vanaf april 2026 is het mogelijk om in Nederland een vergunning voor CC aan te vragen.

Kan ik mijn bestaande Single Authorisation for Simplified Procedures-vergunning (SASP-vergunning) gebruiken?

De huidige SASP-regeling vervalt bij de introductie van Centralised Clearance. We zetten de SASP-vergunningen technisch om naar een CC-vergunning en benaderen elke SASP-vergunninghouder voor een herzieningsonderzoek. Hiermee beoordelen wij of een SASP-vergunning voldoet aan de eisen voor een CC-vergunning. Deze onderzoeken begonnen in 2025 en lopen in 2026 door.

Ben je verplicht om de CC-procedure toe te passen wanneer de vergunning is toegekend?

Nee, dat is niet verplicht. CC is voor aangevers niet verplicht.

Moet ik mijn huidige douaneprocessen aanpassen?

CCI heeft gevolgen voor uw interne administratie, IT-systemen en processen. Bekijk uw interne processen daarom kritisch. In de EU Business Guidance staan de voorgeschreven berichtenspecificaties.

Welke rol spelen het Supervising Customs Office (SCO) en het Presentation Customs Office (PCO)?
  • SCO: Dit is het douanekantoor waar u uw aangiften indient. Dit kantoor verzorgt de verdere coördinatie en afhandeling van uw aangiften.
  • PCO: Dit is het douanekantoor in de lidstaat waar uw goederen fysiek worden aangebracht. Dit kantoor voert indien nodig de fysieke controles en verdere controles op nationale verboden en beperkingen uit. 

Het SCO voert de administratieve afhandeling uit.

Hoe worden controles en risicoanalyses uitgevoerd met CC?

De douaneautoriteiten (SCO en PCO’s) stellen een controleplan op. Zij leggen hierin vast hoe fysieke en administratieve controles worden uitgevoerd. De aangiften dient u centraal in, maar in de lidstaten waar de goederen arriveren kunnen nog controles plaatsvinden.

Kan ik in CC ook een onvolledige aangifte of een voorafaangifte maken?

Ja, CC verwerkt ook onvolledige aangiftes of voorafaangiftes. Ontbrekende gegevens moet u binnen een maand melden. U vindt meer informatie over deze procedure in de Kennisbank.

Hoe gaat CC om met de voorafgaande regeling? In België wordt bijvoorbeeld code N337 gebruikt bij het inklaren van een container in Antwerpen, terwijl in Nederland code N705 gebruikt wordt.

De codelijst van de SCO (in de lidstaat waar de aangifte is ingediend) is leidend. Dit betekent dat u de code van de lidstaat waar u de aangifte indient gebruikt om de voorafgaande regeling administratief te beëindigen. Dit noemen we ook wel aanzuiveren.

Hoe gaat CCI om met fytosanitaire en veterinaire keuringen in de lidstaat waar de goederen zich bevinden?

Elke lidstaat heeft wetgeving op het gebied van veiligheid, gezondheid, economie en milieu. De lidstaat waar de goederen zijn (PCO) is hiervoor verantwoordelijk. De PCO bepaalt hoe de fytosanitaire en veterinaire keuringen worden uitgevoerd.

Binnen de EU zijn er nationale codetabellen. Moet een aangever die in Nederland aangifte doet, rekening houden met nationale codes van een ander lidstaat?

De codelijst van de SCO (in de lidstaat waar de aangifte wordt ingediend) is leidend. U gebruikt deze codelijst als u aangifte doet.

In hoeverre kan nationale (VGEM-)wetgeving van land A zorgen voor verboden en beperkingen bij het doen van aangifte in land B? Bijvoorbeeld bij de Wet Wapens en Munitie en de Opiumwet.

De nationale verboden en beperkingen gelden altijd in het land waar de goederen fysiek in het vrije verkeer worden gebracht.

De gegevens van de aangifte worden via het CC-systeem doorgestuurd naar de lidstaat waar de goederen zich bevinden. De lidstaat controleert of er verboden of beperkingen gelden.

Als dat zo is, kan de lidstaat extra verplichtingen opleggen. Het kan ook zijn dat de goederen helemaal niet mogen worden vrijgegeven. In dat geval moet de SCO dit uitvoeren en doorgeven aan de aangever. Bij een verbod worden de goederen niet vrijgegeven.

Wie bepaalt of en wanneer er een Customs Inspection (een ziener) nodig is?

In eerste instantie is de lidstaat van aangifte (SCO) leidend. Wel kan de lidstaat waar de goederen zich bevinden (PCO) deze aanvullen met nationale fiscale en niet-fiscale risico's.

Deel deze pagina